Een volle zaal tijdens het Maascollege

Het Maascollege dat op woensdag 11 juli 2018 plaatsvond in theater de Maaspoort is goed bezocht. Tijdens deze informatieve avond vertelden drie sprekers over ‘Mooder Maas’ en legden zij uit wat ons de komende jaren te doen staat op het gebied van hoogwaterbescherming.

Vlak voor de start om 19.00 uur stroomde de Piet Kingmazaal vol met geïnteresseerden die zich vooraf al in de foyer verzameld hadden. In het publiek bevonden zich bestuurders, raadsleden, belanghebbenden en belangstellenden. Vervolgens was het de eer aan Bart Peters om de avond te openen.

Bart heeft ons meegenomen in de historie en de specifieke kenmerken van de Maas en vertelde hoe bijzonder de Limburgse Maas is ten opzichte van de andere (Nederlandse) rivieren. Hij legde uit wat een Terrassenmaas is en wat rivierverruiming hier kan betekenen voor hoogwaterbescherming. Daarbij benadrukte hij het belang om rivierprojecten van het begin af aan te benaderen als een ruimtelijke opgave en daarom ook goed na te denken over de kwaliteit die we willen achterlaten.

Alphons van Winden was de tweede spreker tijdens deze avond. Hij liet ons de waterstanden van de Maas door de jaren heen zien. Ook legde hij uit in welk tempo het Maaswaterpeil bij ons kan stijgen en hoe snel het water weer kan worden afgevoerd. Daarbij ging hij ook in op de werking van de stuwen in de Maas. Tot slot lichtte hij de nieuwe normen voor hoogwaterveiligheid toe zoals die sinds vorig jaar van kracht zijn.

Beide sprekers concludeerden dat rivierverruiming in dit gebied er nooit voor kan zorgen dat de dijken helemaal kunnen verdwijnen. Onderdeel van die conclusie was dat de huidige opgave meer wordt ingegeven door de nieuwe normering (met een andere benaderingswijze van het te garanderen beschermingsniveau) dan door de effecten van de klimaatverandering op de waterstanden. Voor de inpassing van dijken had de laatste spreker mooie suggesties.

Na de pauze was het namelijk de beurt aan Keesjan van den Herik. Hij legde uit dat, omdat de Maas en het Maasdal zodanig anders zijn dan andere rivieren in Nederland, de opgave hier veel ingewikkelder is. Hij gaf de toehoorders tevens de boodschap mee dat de Maas zoveel meer is dan iets waartegen we ons moeten beschermen. Als mooi voorbeeld noemde hij het project Ooijen-Wanssum. Hier is niet alleen aan de hoogwaterbescherming gewerkt, maar is tegelijk ook de kans benut om het centrum van het dorp weer een gezicht aan de Maas te geven en dijken op een passende manier te integreren in het landschap.

Het plenaire deel werd afgesloten met het beantwoorden van vragen vanuit het publiek aan de sprekers. Afsluitend vond er nog een nazit plaats in de foyer. Daar gingen de bezoekers, onder het genot van een drankje, met elkaar in gesprek. Ook werd van de gelegenheid gebruik gemaakt om nog nader met de drie sprekers en het projectteam Meer Maas Meer Venlo van gedachten te wisselen over het gepresenteerde op het Maascollege.

Contactpersoon

Maartje Bruinsma